We have 2 guests online
qEEG
Print E-mail

Als u na het orientatiegesprek heeft besloten neurofeedback of biofeedback trainingen te gaan volgen begin ik eerst met een intakegesprek en qEEG meting.

Intake

De intake bestaat uit het verzamelen van zoveel mogelijk informatie die van belang kan zijn. Onder andere vragen over uw klachten en problemen, de ziektegeschiedenis van u en uw familie, medicijngebruik, leefomstandigheden nu en vroeger. Maar ook de neurologische ontwikkeling als kind, of u links- of rechtshandig bent, of u ooit hard gevallen bent, etcetera. Hiervoor gebruik een tweetal vragenlijsten. Eén vragenlijst in word en één vragenlijst in excel. Deze kunt u downlaoden onder het kopje 'overige' en daarna onder 'downloads'. Deze dient u mee te nemen tijdens de intake of te emailen vóór de intake. Aan de hand van deze lijsten ga ik het gesprek met u aan en stel ik eventueel aanvullende vragen.

qEEG.

Na het gesprek wordt er een qEEG meting gemaakt. Een qEEG meting, oftewel kwantitatief EEG, geeft de sterkte en de inhoud van uw hersengolven weer. Met dit qEEG wordt in kaart gebracht waar de problemen zitten. 

Voor de meting wordt u aangesloten op een speciaal apparaat via een badmuts met sensoren op uw hoofd. Op 19 verschillende plaatsen op het hoofd wordt uw hersenactiviteit gemeten. U wordt gemeten in verschillende situaties: 5 minuten met de ogen dicht, 5 minuten met de ogen open, 5 minuten lezen en 5 minuten film kijken. 

De uitkomsten van de meting geven aan welke delen van de hersenen overactief zijn en welke delen onderactief. Hieruit krijgen we informatie over bijvoorbeeld concentratieproblemen, aandachtsproblemen, piekeren, trauma's, depressieve gevoelens, hersenletsel en andere indicaties. Er is zoveel informatie uit het EEG te halen dat het teveel is om hier op te sommen.

De bevindingen uit de metingen worden uitvoerig met u besproken en getoetst. Al deze informatie samen zal de basis vormen voor het behandelplan. 

qEEG meting

Hiernaast ziet u een voorbeeld van de uitkomst van een qEEG meting. De 12 plaatjes geven de hersenactiviteit aan geprojecteerd op een grafisch plaatje van een schedel.

Van links naar rechts ziet u achtereenvolgens de sterkte van de hersengolven onderverdeeld in: delta (0-4 Hz), theta (4-8 Hz), alfa (8-12 Hz) , beta1/SMR (12-16 Hz), beta2 (16-22Hz) en beta3 (22-32 Hz) - samen ook wel hoge beta (16-32 Hz) genoemd.

Van boven naar beneden geeft het figuur informatie van de drie verschillende meetsituaties weer: met de ogen dicht (bovenste rij), ogen open (middelste rij) en tijdens een taak (onderste rij). Rood staat veel activiteit en blauw weinig activiteit en weinig, de plek hoe meer hersenactiviteit en groen is neutraal. 

In dit voorbeeld zet de persoon tijdens de taak (onderste rij) frontaal veel langzame golven in (eerste 2) en in het achterhoofd veel snelle betagolven (laatste 2). Dit is een indicatie voor concentratieproblemen.

 

 

 

Last Updated on Wednesday, 29 September 2010 22:32